Wat is angst?

Angst is een gevoel dat iedereen kent: schrikken van een snel naderende auto of bang zijn voor het maken van een belangrijk examen. Angst is er om ons te beschermen tegen gevaar en is dus belangrijk. Alleen komt het vaak voor dat mensen sneller bang worden dan nodig is. Ook kunnen mensen voor veel verschillende dingen bang zijn. Bij overmatige angst wordt gesproken van een angststoornis.

Welke angststoornissen zijn er?

Paniekstoornis

Mensen met een paniekstoornis kunnen op onverwachte momenten overvallen worden door hevige angst. Ze krijgen het gevoel de controle over zichzelf te verliezen en kunnen denken dat ze flauwvallen of zelfs gek worden of dood gaan. Deze plotselinge paniek gaat samen met lichamelijke verschijnselen die het gevoel nog eens versterken.

Bij een paniekstoornis beheerst de angst voor paniekaanvallen iemands leven. Mensen gaan steeds meer uit de weg en durven bijvoorbeeld de straat niet meer op omdat ze bang zijn voor een nieuwe paniekaanval.

Fobie

Een fobie is een gerichte angst voor bepaalde dingen, dieren of situaties. De angst kan zo heftig zijn dat er een paniekaanval ontstaat. Bekende fobieën zijn: hoogtevrees, claustrofobie, vliegangst, angst voor spinnen, muizen en angst voor de tandarts. Agorafobie is een andere naam voor straatvrees. Iemand met straatvrees is bang voor openbare en drukke plaatsen waar je niet makkelijk weg kan komen.

Over het algemeen weten mensen met een fobie dat hun angst niet reëel is. Maar de angst wint het van het gezonde verstand. Mensen met een fobie zijn vaak al heel bang bij de gedachte aan wat er zou kunnen gebeuren. Ze gaan situaties uit de weg, wat invloed heeft op hun dagelijks leven en sociale contacten.

Hypochondrie

Iemand met hypochondrie of ziektevrees is bang een ernstige ziekte te hebben. Ook al kunnen artsen geen afwijking vinden. Regelmatig en uitgebreid lichamelijk onderzoek stelt kort of helemaal niet gerust. De overtuiging kan ontstaan dat het om een zeer zeldzame ziekte gaat. Het vertrouwen in artsen neemt vaak af. Mensen met hypochondrie verzamelen zoveel mogelijk informatie over hun klachten. Hoe meer men de aandacht op de klacht richt hoe intenser het ervaren wordt, met een steeds sterkere overtuiging dat er iets aan de hand is.

Dwangstoornis

Ook een dwangstoornis is een angststoornis. Mensen met een dwangstoornis proberen hun angst te verminderen door het uitvoeren van dwanghandelingen of door dwanggedachten. Voorbeelden zijn overdreven veel handen wassen, heel veel controleren van bijvoorbeeld sloten en elektrische apparaten of dingen tellen. De dwanghandelingen en/of dwanggedachten moeten bescherming bieden tegen de angst en het gevoel dat er iets vreselijks gaat gebeuren. Vaak vinden mensen met een dwangstoornis hun eigen gedrag zeer storend maar door het angstgevoel lukt het niet de handelingen te stoppen.

Gegeneraliseerde angststoornis

Een gegeneraliseerde angststoornis wordt ook wel piekerstoornis genoemd. Iemand met een gegeneraliseerde angststoornis maakt zich langere tijd ernstig zorgen over alledaagse dingen die objectief gezien eigenlijk goed gaan. Hij of zij is constant bang dat er iets mis zal gaan en gaat daarover piekeren. Zo iemand is overbezorgd, gejaagd en rusteloos. Mensen met een piekerstoornis ervaren het piekeren zelf als storend. Ze kunnen boos worden op zichzelf of juist bang worden van het piekeren. Ze denken dat ze het piekeren niet kunnen beheersen en er aan onderdoor gaan, zelfs gek van worden.